SCHAAMTE

TWEEWEKELIJKSE KLARA-COLUMN ERWIN MORTIER. VRIJDAG 28 APRIL 2006

Wat zich de afgelopen dagen afspeelde op de beeldbuis, op de nieuwssites, in de krantenkolommen, lag ergens tussen collectieve hypnose en geluidloze hysterie.

Wat werd het stil, een seconde of tien, een paar dagen geleden, op een dichtbevolkt feestje van een van onze betere kranten, toen daar bekend werd dat de moordenaars van Joe van Holsbeeck Poolse jochies waren, en niet, wat op Joe’s ouders na ongeveer iedereen zonder veel nadenken aannam, twee Marokkaantjes. Tien seconden verbijstering. Vervolgens een tornado van sms’jes en ringtunes. Hoofdartikels moesten anders, opinies bijgesteld, teksten geschrapt of gewijzigd, nieuwe edities gedrukt en andere weggegooid.

Ik stond erbij en keek ernaar, vanop de trappen van de KVS, en dacht: dit is dus de journalistiek – politiek – intellectuele toplaag van mijn vaderland, het kruim der weldenkendheid, de fine fleur der kritische geesten, de scherpste pennen te lande. Ik schaamde me dood, voor hen, voor mezelf, want ja, die KVS ligt daar in een Brusselse buurt waar leeggeroofde auto’s en andere zogeheten kleine criminaliteit tot de ergernissen en angsten van alle dag behoren. En ja, toen ik op weg daarheen in station Brussel-Noord drugdealers en straathoeren, of gewoon maar troepjes koffiekleurige medemensen ontwaarde, daar in de betonnen catacomben van de hoofdstad, waar het naar pis en braaksel en bier riekt, en waar op dat schemerige avonduur de daklozen hun bedgoed van karton samenraapten, liep ik er in een iets wijdere boog omheen dan pakweg een week of twee geleden. En misschien niet eens helemaal onterecht, we moeten nu ook niet naïef zijn, maar waarom was ik zo verdomde naïef om zomaar te geloven dat Joe’s moordenaars per definitie koffiekleurig, mediterraans van origine en waarschijnlijk ook moslim waren? Ik schaam me diep.

Ik ben ook kwaad. Als u of ik het hoofd niet altijd even koel weten te houden, mag ik van de pers de tegenwoordigheid van geest verwachten om mijn en uw vooroordeel op zijn minst van kritische kanttekeningen te voorzien. Maar wat zich de afgelopen twee weken afspeelde op mijn beeldbuis, op de nieuwssites, in de krantenkolommen en talloze wandelgangen, lag ergens tussen collectieve hypnose en geluidloze hysterie. Iedereen heeft aan de kwestie zijn eigen armetierige genot willen ontlokken, dat van de angst, dat van het opportunisme. Er lopen al veel teveel journalisten rond in wier geest de grens tussen realiteitszin en populisme zorgwekkend vaag geworden is. Luitjes die met het decibelrijkere deel van onze volksverkozenen de botsing der beschavingen liefst vandaag nog zouden zien beginnen, als het even kan in prime time, en bij voorkeur tijdens het journaal van zeven uur.

Onze vierde macht moet zich ernstig vragen stellen, en wijzelf ons grote zorgen maken nu die macht zich zo massaal heeft laten herleiden tot de leverancier van kwalijke zoete broodjes, en u en ik, en vele anderen, heeft bevestigd in onze enggeestigheid. Het publieke debat van de afgelopen dagen was een beangstigend eenduidige monoloog. Dus hoog tijd voor een rumoerige mars door de redactielokalen - en laten wij burgers maar eens ophouden met stille of witte optochten en weer onze bek opentrekken, opdat er woord en weerwoord mag zijn, de botsing der meningen, de polemiek, de satire, de broodnodige scherpte en de vitale nuance, zoals het hoort.

Links
De column, op de site van Klara, met audio
Parket negeerde getuigenis van vrouw die twee daders met 'blanke huid' zag